Biest: essentiële melk voor jouw kalveren

Biest speelt in de eerste levensfase van het kalf een cruciale rol omdat het vol zit met antistoffen *(IgG). Omdat het kalf via de koe nog geen antistoffen heeft meegekregen heeft het nog geen enkele weerstand. Door de opbouw van weerstand via de antistoffen in de biest, wordt het kalf beschermd tegen infecties zoals kalverdiarree en longontsteking. Voldoende biestopname in de eerste 24 uur is hierbij essentieel. Daarnaast bevat biest voedingsstoffen die bijdragen aan een gezonde groei en ontwikkeling.

Het belang van optimaal biestmanagement

Optimaal biestmanagement is essentieel om ervoor te zorgen dat het kalf voldoende antistoffen binnenkrijgt. Onderzoek toont aan dat kalveren die niet genoeg biest hebben gekregen, een verhoogd risico lopen op infecties, ziektes of zelfs sterfte. Het is dus van cruciaal belang om in de eerste levensuren van het kalf de juiste hoeveelheid en kwaliteit biest te verstrekken.

De kwaliteit van de biest wordt vooral bepaald door het gehalte aan immunoglobulinen *(IgG). Met een refractometer kun je de biestkwaliteit eenvoudig meten. Streef hierbij naar een minimale waarde van 22-24 Brix.

De basis voor een goede kwaliteit biest wordt al gevormd tijdens de opfok en droogstand. Zorg in ieder geval voor een goede conditie van de dieren tijdens de dracht. Voldoende voeropname met daarin de juiste voedingsstoffen en waarden aan vitaminen en droogstands-/ jongveemineralen spelen hierbij een grote rol. Ook de lengte van de droogstandsperiode en het gewicht van de vaars na afkalven (minimaal 85 procent van het lichaamsgewicht van een volwassen koe) zijn van belang. Een (te) korte droogstand en laag lichaamsgewicht beïnvloeden de biestkwaliteit nadelig.

De 5 V's van biestverstrekking

Het advies voor het verstrekken van de biest, kan worden samengevat in de vijf V’s: Vers, Vlug, Veel, Vaak en Veilig.

  • Vers: Melk de moederkoe binnen een half uur na het kalven om de verse biest te verzamelen. Bij onvoldoende biest of te lage kwaliteit, kan biest van een andere koe worden gebruikt. Het is aan te raden om altijd een vriesvoorraad van kwaliteitsbiest (minimaal 22-24 Brix) aan te leggen voor noodgevallen.
  • Vlug: Geef het kalf binnen 3 uur (liefst zo snel mogelijk) na het afkalven voldoende biest. Deze periode is essentieel omdat de darmdoorlaatbaarheid voor antistoffen in deze tijd het grootst is. De opnamecapaciteit neemt met het uur af en is na 24 uur nagenoeg verdwenen.
  • Veel: Geef het kalf binnen een uur na de geboorte 10% van zijn lichaamsgewicht aan biest. Voor een kalf van zo’n 40 kg komt dat neer op ongeveer 4 liter. Dit is essentieel voor een optimale antistoffenopname.
  • Vaak: Bied het kalf binnen de eerste 24 uur na de geboorte nog eens 2 liter biest aan, zodat het in totaal minimaal 6 liter heeft gedronken. Als het kalf niet wil drinken, forceer het dan niet, maar probeer het later opnieuw.
  • Veilig: Zorg voor een goede hygiëne rondom de biestverstrekking zodat vuil en bacteriën de kwaliteit van de biest niet (nadelig) kunnen beïnvloeden.

Tips van Flink voor optimaal biestmanagement

  • Tijdigheid: Geef het kalf binnen een uur na de geboorte 10% van zijn lichaamsgewicht aan biest. Drinkt het kalf niet, probeer het dan later nog eens. Zorg dat het ten minste binnen 3 uur (liefst zo snel mogelijk) na de geboorte voldoende biest heeft gedronken voor een maximale opname van antistoffen.
  • Verstrekking: Gebruik een fles of speenemmer om het kalf effectief te voeden, afhankelijk van de gezondheidstoestand van het kalf.
  • Hygiëne: Zorg voor een schone omgeving en materialen rondom de biestverstrekking.
  • Kwaliteit: Gebruik biest van de eigen moederkoe. Indien de kwaliteit onvoldoende is kan biest van een andere koe of een biestvervanger verstrekt worden. Zorg voor een vriesvoorraad verse biest van minstens 22-24% Brix voor noodgevallen.
  • Temperatuur: Biest moet warm (40°C) worden gegeven. Warm de biest altijd langzaam op.

Met het juiste biestmanagement krijgen jouw kalveren een gezonde start. Dit resulteert in dieren die gezond zijn, zich optimaal ontwikkelen en uiteindelijk bijdragen aan een gezonde en efficiënte bedrijfsvoering. Zo wordt elk kalf een flinke koe met een gezonde melkproductie.

Meer weten?
Wil je meer weten over een optimale biestverstrekking? Neem dan contact op met Jos Dortmans: 06 55 82 27 31. Dan gaan we samen flink scoren in kalveropfok!

IgGs versus Brixwaarde

IgGs (immunoglobulinen) zijn antistoffen in de biest die bepalend zijn voor de biestkwaliteit. Ze zijn essentieel voor de bescherming van het kalf, omdat het kalf direct na de geboorte geen eigen afweermechanismen heeft. De IgGs kunnen eenvoudig gemeten worden met een Brix refractometer. Deze meet de breking van het licht en is een maat voor de hoeveelheid droge stof in de oplossing. Hoe hoger het droge stof gehalte, hoe hoger de Brixwaarde. Het droge stof gehalte is gekoppeld aan de hoeveelheid antistoffen (IgG). Wanneer het aantal IgGs boven de 50 gram per liter (22,5% Brix) ligt, spreken we van een goede biest kwaliteit.

Ga terug

Flink Bestellen?

Neem contact op met onze verkooppartners.